Over mijn oude fietsje

Ik kijk elke dag of je er misschien weer bent. 

Een paar maanden geleden moest ik afscheid van je nemen. Het was emotioneel, het was zwaar, er kwamen misschien, stiekem, zelfs wel wat tranen aan te pas. We waren dan ook al samen sinds het einde van de basisschool. Bijna 11 jaar. Weinig mensen doen ons dat na.

Het waren 11 mooie jaren. Terwijl ik groter werd, hopelijk volwassener, en terwijl ik langzaamaan leerde hoe ik van een dorpsmeisje wat meer een stadsmeisje kon worden, takelde jij elk jaar iets verder af. De eerste 6 jaar gingen prima, hoor! Maar zo lang elke dag 20 kilometer afleggen is niet niks. Geen wonder dat je moeite kreeg met stoppen, moeite kreeg met soepel vooruit bewegen, moeite  kreeg om stil te zijn.

Maar dat alles was voordat je me dagelijks door de uitgestrekte weilanden van het Groninger landschap wist te leiden. Door stortbuien zo intens dat ik de mensen voor me niet meer kon zien. Door het zinderende landschap op dagen die zo heet waren dat ze mijn rug en oksels net zo nat maakten als die stortbuien. Als het nog donker was om half 8 ’s ochtends op weg naar school. Of als het al donker was na een avondje in de stad.

Toen gingen we verhuizen. Je hoefde niet meer elke dag die 20 kilometer af te leggen. Maar het leven in de stad was niet goed voor je. Ineens moest je elke nacht buiten staan, in plaats van in de schuur in het dorp. Maar we hielden het samen vol en we waren onafscheidelijk.

Totdat De Gemene Mensen kwamen…

Ik had bij mijn nieuwe huis de mogelijkheid je binnen te zetten. Dat had ik die avond gewoon moeten doen. Ik ging zelfs nog terug om je achterlicht uit te doen. En ik kende de verhalen. Niemand, maar dan ook niemand ging al zo lang zo goed met zijn of haar fiets..

Er zijn wezens die blijkbaar denken dat ze dat wat van anderen is mee kunnen nemen. Ongestraft. Want niemand doet er wat aan. Hoe uitgebreid en vol passie het verhaal in je aangifte ook is. Ik snap het niet. Is het hoofd van het Gemene Mens geklutst als een ei, dat het denkt dat je zomaar spullen van anderen mee kunt nemen? Het Gemene Mens is schuldig aan meer pijn dan het denkt. Het heeft een onafscheidelijk stel van elkaar los gerukt. Het Gemene Mens is een homewrecker.

Nu kijk ik elke dag of je er misschien weer bent. Tegen beter weten in. Elke keer dat ik op het station ben, hoop ik dat je daar ineens staat tussen de honderden andere fietsen. Het nummer van de politie staat in mijn telefoon, je sleutel zit nog aan mijn sleutelbos. Als ik je ooit weer vind, is er niks wat me tegenhoudt om weer met je herenigd te worden. We zijn heus niet de enigen die een pauze hebben genomen.

Delen: