Als je heimwee zo erg is dat je je reis niet af kunt maken

“Ik had maanden uitgekeken naar dit semester, er veel geld aan uitgegeven en ik had het gevoel dat opgeven echt geen optie was”

Vandaag staat in de Weekend bijlage van Dagblad van het Noorden een verhaal van mij over studenten en heimwee. Ik sprak met mensen van de Rijksuniversiteit Groningen en de Hanzehogeschool, een ex-student die heimwee kreeg toen ze op kamers ging en schreef mijn eigen verhaal op. Mijn ervaring met heimwee is zo ingewikkeld, had zoveel impact en is iets wat niet gemakkelijk te begrijpen is voor anderen. Ik kan er dus nog veel meer over vertellen dan in het Dagbladverhaal staat, of in dit stuk dat ik al eerder schreef voor Tonic. En waarom zou ik het ook niet doen, als erover schrijven me eigenlijk beter afgaat dan erover praten.

De dag dat mijn ouders voor het eerst tegen me zeiden dat ik misschien beter naar huis kon komen, begon best goed, maar vulde zich al snel met een gevoel van paniek en eenzaamheid. Het was een zondag en dat was altijd een van de moeilijkste dagen. Want op zondag waren er geen colleges en moest ik echt mijn best doen om bezig te blijven.

Die ochtend was ik naar een appelboomgaard in Michigan geweest, waar ik pompoenen had geraapt, appels had geplukt en appelcider had gedronken. Ik dacht dat het uitje de hele dag zou duren, maar rond 1 uur was ik alweer thuis. En toen lag er een hele lange en lege middag voor me. En zo’n middag betekende dat ik tijd had om na te denken en mezelf te verliezen in deprimerende gedachten waarin ik thuis ontzettend ging idealiseren. Tegen iedereens adviezen in (want ging ik ze niet meer missen als ik telkens met ze praatte?), ging ik weer skypen met mijn ouders.

Voordat ik naar de universiteit in Michigan ging, was ik een weekje in New York

Dat skypegesprek is in mijn herinnering nog steeds de heftigste die ik ooit heb gehad. Mijn heimwee was die dag erger dan normaal – en op andere dagen was het al erg. Ik kon maar niet stoppen met huilen. De knoop in mijn maag werd nog wat strakker aangetrokken, ik was misselijk en de enige plek waar ik wilde zijn was aan de andere kant van het scherm. Daar zag ik mijn ouders, mijn broertje en mijn neefje en nichtje in de huiskamer waar ik was opgegroeid. En dat was op dat moment in mijn ogen de beste plek van de wereld.

Dus toen naar huis gaan ineens een optie leek te zijn, voelde het alsof ik in één klap tien kilo lichter werd. Mijn verdriet had alles zwaar gemaakt, zorgde ervoor dat de dagen eindeloos voelden en de maanden die voor me lagen als jaren. Maar nu ik dacht dat ik al sneller naar huis zou kunnen gaan, maakte ik me weliswaar zorgen over de studiepunten die ik misschien mis zou lopen en de reacties van andere mensen, maar mijn voornaamste gevoel was opluchting.


“Dit was iets waar ik al jaren van droomde, het was zelfs één van de dingen waar ik mijn studiekeuze op had gebaseerd. Maar het viel allemaal enorm tegen”

Ik was 21 jaar, zat in mijn derde jaar van de studie American Studies en zou van eind augustus tot en met december aan Eastern Michigan University in Ypsilanti, Michigan studeren. Dit was iets waar ik al jaren van droomde, het was zelfs één van de dingen waar ik mijn studiekeuze op had gebaseerd. Maar het viel allemaal enorm tegen.

Eenmaal aangekomen op de campus bleek ik dus last van heimwee te hebben. Het kwam voor mij als een verrassing, maar dat had het op zich niet hoeven zijn. Tijdens het afscheid nemen van mijn ouders moest ik ontzettend huilen, een paar dagen voor vertrek werd ik ziek (achteraf kwam dat vast door de zenuwen) en toen ik eenmaal in het vliegtuig zat bleek ik het hangertje van mijn ketting kwijt te zijn. Laat dat hangertje nou net de beschermheilige van het reizen zijn geweest. Ik ben niet gelovig ofzo, maar ik ga niet ontkennen dat dat wel heel toevallig was.

Ik kon maar niet wennen. Ik miste het bekende en veilige van thuis. Mijn eerste nacht sliep ik onder mijn sjaal en met een trui als kussen, omdat er geen beddengoed in mijn kamer was en ik nog niet de kans had gehad dat te kopen. Ik sliep in een appartement voor vier personen, maar er was nog niemand anders. Dat niet alleen, het hele appartement was zo goed als leeg. In de enorme gemeenschappelijke ruimte stond alleen een bank, een tafel met stoelen en een keuken zonder keukenapparatuur (afgezien van een gasfornuis en koelkast). Dat grote, lege appartement zorgde ervoor dat ik me eenzaam voelde en het benadrukte dat mijn eigen spulletjes en de mensen van thuis ontbraken. Ik had het gevoel dat ik aan mijn lot werd overgelaten en dat ik er helemaal alleen voor stond.

Ik ging met twee Duitse vriendinnen een weekendje naar de Niagara Falls

Maar ik was vastbesloten wél mijn best te doen. In de weken daarop ging ik op ontdekkingstocht in all-American towns, bezocht sportwedstrijden, reed over tienbaanswegen richting enorme winkelcentra en de Target en at bij fast food restaurants. Maar bovenal: ik maakte zoveel nieuwe vrienden, de een nog aardiger dan de ander. En allemaal deden ze zo hun best om het mij naar mijn zin te maken.

Een tip die je vaak krijgt om je heimwee te bestrijden is om spulletjes van thuis mee te nemen om je nieuwe kamer wat vertrouwder te maken. Dus hing ik foto’s en plaatjes aan de muur zodat het wat minder leeg voelde, legde mijn bed vol kussens en dekens waar ik in weg kon kruipen, zorgde dat mijn boekenplankje zo goed mogelijk gevuld was en kocht zelfs een knuffeltje bij de Ikea. Ik had maanden uitgekeken naar dit semester, er veel geld aan uitgegeven en ik had het gevoel dat opgeven echt geen optie was. Ik was toch het tofste aan het doen wat je maar kan bedenken?


“Rationeel gezien wist ik heel goed dat ik veel geluk had om op die plek te zijn en dat er heel veel mooie dingen en leuke mensen waren”

Maar die knoop in mijn maag bleef. Tijdens uitstapjes kon mijn stemming zomaar omslaan. Het verdrietige gevoel sluimerde altijd wel op de achtergrond, maar als ik iets leuks deed kon ik dat gevoel meestal wel overtreffen. Maar een uur later kon ik weer in huilen uitbarsten, bijvoorbeeld omdat er een stil moment was of omdat iets me herinnerde aan thuis. Maar vaak gebeurde het ook uit het niets. Dat is het vervelende aan heimwee. Rationeel gezien wist ik heel goed dat ik veel geluk had om op die plek te zijn en dat er heel veel mooie dingen en leuke mensen waren, maar alsnog bleef dat knagende, verdrietige gevoel altijd aanwezig. Het is moeilijk te verklaren waar dat vandaan komt en voor mensen die er geen last van hebben is het moeilijk voor te stellen. Het is gewoon deel van je persoonlijkheid.

Na ongeveer twee lange maanden was mijn doorzettingsvermogen en energie helemaal op en had de heimwee gewonnen. Ik ging naar huis. Mijn reisverzekering regelde en betaalde, na een paar telefoongesprekken waarin ik in detail uit moest leggen wat er nou precies aan de hand was, een vliegticket voor me. Mijn begeleider van het international students office drukte me op het hart dat ik echt niet de eerste was die last had van heimwee en ook zeker niet de eerste die naar huis ging (want dat voelt zo als iedereen om je heen zonder moeite meteen zijn of haar draai lijkt te vinden in een vreemd land) en al mijn vrienden en vriendinnen waren vastbesloten de tijd die ik nog in VS had zo leuk mogelijk voor me te maken. Toen ik het idee dat ik per se vier maanden daar moest zitten had losgelaten kon ik zelfs nog een beetje genieten.

Voordat ik naar huis ging, ging ik nog weekend in mijn eentje naar Chicago.
Dat voelde als een enorme overwinning op mezelf en zorgde ervoor dat de herinnering niet enkel negatief was.

Maar eenmaal thuis bleek dat ik misschien toch te lang had doorgebuffeld. Ik heb nog ongeveer een jaar lang rondgelopen met de nasleep, de heimwee-emoties hadden zich in me genesteld. Nog steeds kon ik ineens heel verdrietig worden en ik had moeite met alleen zijn. Bovendien baalde ik enorm dat ik had opgegeven. De opluchting die ik in de VS voelde bleef niet hangen. Ik dacht echt dat ik een reismeisje was, maar deze ervaring had dat allemaal door de war gegooid. Daarom sprak ik met een GGZ praktijkbegeleider van mijn huisarts, maar daar schoot ik eigenlijk niks mee op. Heimwee is geen erkende psychische stoornis en volgens mij weet daardoor ook niet elke psycholoog hoe je ermee om kunt gaan.


“Ik dacht echt dat ik een reismeisje was, maar deze ervaring had dat allemaal door de war gegooid”

Dus ben ik er zelf mee aan de slag gegaan. Ik heb research gedaan naar heimwee en het blijkt dat als je introvert, angstig en neurotisch bent en weinig zelfvertrouwen hebt, je eerder kans hebt om heimwee te krijgen. Dat is vervelend om te lezen als je zelf echt last hebt van heimwee. Maar niet iedereen met heimwee heeft ook per se deze eigenschappen. Ikzelf ben misschien een beetje introvert en hou er ook wel van als dingen gaan zoals ik had gepland, maar ik heb niet weinig zelfvertrouwen.

Door te accepteren dat mijn heimwee en mijn persoonlijkheid bij elkaar horen, begon ik te geloven dat mijn heimwee geen negatief effect meer hoefde te hebben op mijn leven. Dat ik nu niet voor eeuwig in Nederland hoefde te blijven. Dus in de laatste jaren heb ik meerdere korte reisjes gemaakt, altijd samen met iemand die dicht bij me staat. Ik zal nooit maandenlang in een ander land kunnen wonen, maar dat wil ik ook niet meer. Reizen zoals ik nu doe maakt me gelukkig, omdat ik de wereld zie, maar ook altijd weet dat ik veilig thuis kan komen.

Delen: